Er is een fout opgetreden, probeer het later opnieuw.

Op de hoogte blijven via onze nieuwsbrief?

Energiebeleid in Europa gaat in verschillende richtingen
Energiebeleid in Europa gaat in verschillende richtingen

Energiebeleid in Europa

Elke Europese lidstaat staat voor grote energie-uitdagingen. Maar als we het energiebeleid van een aantal landen onder de loep nemen, blijkt dat we ver af zijn van één gedeelde Europese strategie.
Elk land heeft immers zijn eigen energie-agenda voor de toekomst. Nu ook België strategisch vooruit kijkt, is het nuttig om onze blik te verruimen, over de grenzen heen.

De grootste energieproducenten zijn zonder twijfel Duitsland en Frankrijk. Samen zijn ze verantwoordelijk voor ongeveer 40% van alle geproduceerde elektriciteit in Europa. De gebruikte energiebronnen bij die elektriciteitsproductie zijn heel divers. Dat is ook het geval in andere Europese landen.

Alle lidstaten delen dezelfde bezorgdheden en streven naar een koolstofarme energiebevoorrading. Maar de concrete recepten daartoe durven wel eens verschillen. Sommige lidstaten besloten om kerncentrales te sluiten, anderen zetten er dan weer op in en bouwen nieuwe centrales. Landen die daarbij als eerste uitstappen, merken dat de alternatieven vooralsnog geen écht afdoend antwoord bieden. De landen die kernenergie als essentieel beschouwen voor de toekomstige bevoorrading en het bestrijden van het klimaatprobleem, worden daartoe duidelijk geïnspireerd door een langetermijnvisie waarbij economie en koolstofarme energie hand in hand gaan.

Kernenergie produceert 27,5% van de elektriciteit in de Europese Unie.

De klimaatverandering en bevoorradingszekerheid vragen een gemeenschappelijke aanpak

Alhoewel problemen als de klimaatverandering en de afhankelijkheid van buitenlandse energieleveranciers vragen om een gemeenschappelijke aanpak van het Europees energiebeleid, zien we dat ieder land een eigen strategie heeft. Die strategie is afhankelijk van een aantal factoren. Landen die eigen olie- of gasreserves hebben zullen eerder fossiele energiebronnen aanspreken voor hun elektriciteitsproductie. Deelstaten waar een groot hoogteverschil is zullen logischerwijze meer waterkrachtcentrales hebben. Landen als Frankrijk, Slovakije, België en Hongarije doen voor het grootste deel van hun elektriciteitsproductie beroep op kernenergie.

Energie-onafhankelijkheid

Een gezamenlijk beleid dringt zich op want als gevolg van het nog beperkte gebruik van hernieuwbare energiebronnen zoals zon, wind en water is Europa voorlopig grotendeels aangewezen op fossiele energiebronnen. Voor die brandstoffen is het sterk afhankelijk van buitenlandse leveranciers zoals Rusland en het Midden-Oosten. Dat betekent echter dat bij economische of politieke conflicten de energievoorziening in gevaar kan komen. Momenteel zijn er in 14 lidstaten van de Europese Unie 130 kernreactoren actief. Kernenergie produceert 27,5% van de elektriciteit in de Europese Unie.

Hoe zit het in een aantal Europese landen die net als wij kernenergie hebben?

Frankrijk: op weg naar een koolstofarme economie

Meer dan 70% van de in Frankrijk geproduceerde elektriciteit is afkomstig uit kerncentrales. Met 58 reactoren op 19 verschillende sites heeft Frankrijk het grootste nucleair productiepark van Europa en het tweede grootste ter wereld na de Verenigde Staten. Onze zuiderburen zijn ook de grootste exporteur van elektriciteit ter wereld. 39 TWh elektriciteit werd in 2016 geëxporteerd. Ter vergelijking: dat is bijna de helft van de volledige Belgische productie. In de toekomst wil Frankrijk zich focussen op twee belangrijke doelstellingen. Een reductie van de broeikasgassen door te streven naar een aandeel van 32% hernieuwbare energie in de energiemix en een halvering van het energieverbruik. Op termijn wil men het aandeel van kernenergie terugbrengen tot 50% van de productie ten voordele van energiebronnen als zon en wind. Dat moet uiteindelijk leiden naar een economie zonder fossiele brandstoffen. Zo voorziet de regering tegen 2040 bijvoorbeeld een verbod op de verkoop van diesel- en benzinewagens.

Duitsland: de gevolgen van de toekomstvisie op de energiebevoorrading

In Duitsland nam de regering een drastische beslissing. Alle kernreactoren die in Duitsland actief zijn moeten ten laatste in 2022 buiten dienst zijn. Alhoewel kernenergie een veel kleiner aandeel heeft in de Duitse energiemix, zijn de kerncentrales toch verantwoordelijk voor meer dan 13% van de in Duitsland geproduceerde elektriciteit. In 2016 werd in Duitsland meer dan 40% van de elektriciteit gehaald uit fossiele brandstoffen. Steenkool (17,2%), bruinkool (23,1%) en aardgas (12,4%) zorgen er mee voor dat Duitsland daardoor de grootste CO2-uitstoot heeft van Europa. Ondanks de snelle opkomst van hernieuwbare energie, met een aandeel van 29%, heeft die nauwelijks of geen impact op die uitstoot. Dat komt omdat tegelijkertijd een andere koolstofarme brandstof, kernenergie, verdwijnt. Een ander gevolg is dat de elektriciteitsprijs in Duitsland bij de hoogste van Europa is. Enkel in Denemarken betaal je nog meer. Duitsland heeft eveneens problemen met het transport van elektriciteit. Het is namelijk zo dat de windenergie voornamelijk in het Noorden en het Oosten van het land geproduceerd wordt, maar dat de grootste industriële afnemers zich in het Zuiden en het Westen van Duitsland bevinden.

Zweden: tegen 2040 100% hernieuwbare energie

Zweden is een van de weinige landen waar er nauwelijks of geen CO2-uitstoot is bij de productie van elektriciteit. Daar is een logische verklaring voor. Zweden heeft in zijn energiemix een heel groot aandeel waterkracht. Ongeveer 40% van de opgewekte elektriciteit komt van waterkrachtcentrales. Een even groot aandeel is voor kernenergie en de overige 20% wordt gehaald uit zon, wind en biobrandstof. In 2016 legde de Zweedse regering het energiebeleid op lange termijn vast. Het werd een heel ambitieus plan waarbij men er naar wil streven om tegen 2040 100% van de elektriciteit te produceren met hernieuwbare energie. Het gaat weliswaar om een doelstelling en dus niet om bijvoorbeeld een verbod op kernenergie.

Finland: twee nieuwe kernreactoren

Finland is weer een heel ander verhaal. Op dit ogenblik is men er voor meer dan 22% van het stroomverbruik afhankelijk van import uit de buurlanden. De overige energie wordt geproduceerd door kerncentrales (26%), waterkrachtcentrales (18%), biomassa (12%) en de rest wordt voornamelijk opgevangen door wind, gas en steenkool. De Finse regering wil in de toekomst zelf meer energie produceren en minder afhankelijk zijn van import. Daarom besliste ze om nieuwe kerncentrales te bouwen. In 2019 start de bouw van een nieuwe kerncentrale. Kernenergie zal dan 40% van de benodigde stroom leveren in Finland. Dat aandeel zal nog stijgen als in 2024 de nieuwe kerncentrale in dienst gaat.

Dit kan u ook interesseren…

Nucleair Forum: wie zijn wij?

Het Nucleair Forum verenigt het merendeel van de ondernemingen en instellingen die actief zijn in de toepassingen van kerntechnologie. Het Nucleair Forum wil de referentie bij uitstek zijn over kerntechnologie, zowel voor de pers, voor de beleidsverantwoordelijken als voor het grote publiek. Ontdek meer